3 stappen Detmolder desem – Kasseler brood zonder gist

Met een gezond en actief desem kun je helemaal zonder toegevoegde gist brood bakken. Natuurlijk is dat ook geen brood zonder gist, maar een brood met enkel gist van de desem. Er word veel sneakoil verkocht over wilde gist. Op zich is dat ook bakkers gist en verschillende gisten hebben ook verschillende eigenschappen, maar verwacht geen wonders. Vaak is dat wat je wild kunt vangen wel trager en dat is idd goed, want meer tijd is meer aroma. Het is op zich simpel. Kweek je gist en desem door spontane vergisting van bij voorbeeld gedroogd fruit en bloem zoals hier  en bak een schitterend brood. Toch hebben vele mensen er last van. Ik ga hier nu een methode voorstellen om in 3 stappen uit een moederdesem een gezond desem te maken.

De 3 Stappen hebben verschillende functies. Tijdens de activatie is het doel de desem uit zijn rust toestand te halen. Als je niet bakt houd je je desem in de koelkast en de stofwisselprocessen worden trager. Bovendien is er vaak niet genoeg suiker aanwezig. Dus gist, melk en azijnzuur mo’s gaan slapen. Voor en goed resultaat wil je dus warmte en suikers geven ook wat zuurstof doet geen kwaad. Door de desem snel op 28°C te brengen, en bij 100% hydratatie te houden begint vooral de gist te gooien. Na ca. 6 uur is je moederdesem verdubbelt en actief. 

Tijdens de basisdesem is het volgende doel melk- en azijnzuurbacteriën te kweken. Minder water (50%) en een lagere temperatuur (24°C) verbetert hun situatie. Na 8 uur zie je niet veel maar de geur is duidelijk zuur.

In de laatste fase, de voldesem, worden gist en melkzuurbacteriën gekweekt door weer meer water (100%) en hogere temperatuur (30°C). Na ca. 3uur gaat de desem duidelijk groter (2-3x) zijn en is nu klaar voor de deeg.

Desem (320g / 100%hydratatie). Mits dit recept kwa hoeveelheid aan te passen kun je elk brood met een 1 stap desem en gist ook met deze desem zonder gist bakken.

Desemactivasie (Anfirschsauer). Het doel is gist te kweken.

  • 50g moederdesem uit de koelkast
  • 25g roggebloem fijn
  • 25g water (50°C)

6 uur bij 25-28°C laten rijpen

Basisdesem (Grundsauer). Het doel is melk en azijnzuur te kweken

  • 12g van de vorige stap (de rest is voor het volgende brood)
  • 46g roggebloem fijn
  • 28g water (35°C)

8 uur bij 25-28°C laten rijpen

Voldesem (Vollsauer). Het doel is de zuurbalans te verbeteren en meer gist te kweken 

  • 86g Basisdesem
  • 108g roggebloem
  • 126g water (40°)

3uur bij 30°C laten rusten

De desem moet nu wel min of meer direct verwerkt worden, en het brood zelf laat je ook best op een warme plek rijzen.

Broodglans:

  • 5g bloem
  • 50g water

Deeg:

  • 320g desem
  • 160g roggebloem (fijn)
  • 480g tarwebloem (t85)
  • 380g water (50°)+15
  • 16g zout
  • 10g honing

Werkwijze

  1. Meng alle deeg ingrediënten behalve het zout voor de deeg 8min traag; voeg het zout toe en meng 8min snel. Er moet een glad deeg ontstaan. 
  2. Laat hem 45min op een warme plek rusten; hij moet goed aan volume toenemen. 
  3. Maak een bol en dan een langwerpig brood. 
  4. Plaats het brood in een rijsmandje of in baklinnen met de naad boven. Op een warme plek 90min laten rijzen. Het brood moet in volume 2x groter worden. Beter langer laten rijzen.
  5. Verwarm ondertussen de oven op 250°C, best met een pizzasteen in het midden van de oven en een dikke bakplaat van onder. 
  6. Zodra het brood rijp is, omdraaien en met de broodglans letterlijk schilderen, met een bakborstel en naar wens 3 keer insnijden of stippelen. 
  7. 10min bij 250°C in stoom bakken (50ml kokend water op de hete bakplaat gieten, direct nadat het brood in de oven is gekomen). 
  8. Dan 50min bij 180°C verder bakken. 
  9. Uit de oven halen en direct met water bestuiven, op een rek volledig laten afkoelen.
Advertenties

Shortbread – zoet zanddeeg voor deserties

Zanddeeg is een deeg die heel kruimelijk en niet elastisch is en dat zowel gebakken als ook rauw. Je kunt hem dus niet rekken, van daar ook de engelse naam shortbread. Om dit te bereiken mag het gluten in de deeg niet ontwikkelt worden. Nu als je deeg niet kunt rekken, kunnen tijdens een deegrijs ook geen luchtbellen ontstaan. Om achteraf geen baksteen in de maag te hebben, word een shortening gebruikt, dat is een vet water emulsie die bij kamertemperatuur vast is; klinkt super technisch, maar boter volstaat aan de voorwaarden. Ze word zo in de deeg gewerkt, dat er kleine vetkogeltjes met een bloemjasje ontstaan. Tijdens het bakken word het vet dan vloeibaar en van het bloem opgenomen. Verder verdampt het water en laat luchtbelletjes achter. Bladerdeeg is min of meer het zelfde concept, maar de (tour)boter is zo ingewerkt dat de typische lagen ontstaan. Je kunt bijna elk bloem gebruiken, maar bloem met weinig of breekbaarder gluten is voor een keer eenvoudiger. 

Voor een zoete variant is het recept heel simpel 1 deel suiker, 2 delen shortening, 3 delen bloem, daarom vaak een-twee-drie-deeg. Je kunt dat gewoon uitrollen en zandkoekjes bakken. Maar dat is wat simpel. Ik presenteer hier dus een dessert recept voor 4 citroentartjes die je met dit sort deeg kunt maken.

Voor de zanddeeg:

  • 30g suiker
  • 60g boter (in 5mm blokjes eiskoud, aromatische kruiden zoals tijm of rozemarijn kunnen voor het koelen van de boter ingewerkt worden)
  • 120g bloem (405, t45, patisseriebloem, of speltbloem) 
  • 20-50g water koud
  • 2g zout

Werkwijze

  1. Werk de boter met je vingertoppen in het bloem zodat het mengsel de structuur van vochtige zand krijgt, dus de Nederlandse naam ;). Let op de boter mag niet warm worden omdat ze dan van het bloem al word opgenomen, wat een baksteen zoude veroorzaken.
  2. Voeg nu de suiker toe en meng kort door. 
  3. Voeg langzaam water toe tot een deeg ontstaat die min of meer aan elkaar blijft plakken. Deeg 30min in de koelkast laten ontspannen.
  4. Werkplank, deegrol en handen goed met strooibloem bedekken en deeg uitrollen (3-5mm). 
  5. Dan in 4 stukjes groter dan je vormtjes delen en in gevette taartvormtjes leggen. Let op dat je de deeg niet probeert te rekken, dat gaat niet lukken, zie engelse naam. Om de deeg in de hoek te krijgen moet je hem dus opheffen en in duwen. 
  6. Overschot afsnijden en gaatjes met overschot vullen.
  7. Terug in de koelkast laten rusten (30min)
  8. Blindbakken. Voor een koude vulling, zoals lemoncurd, bak eerst 15min bij 180°C met toonkogeltjes op en bak nog verder 10min zonder tot volledig doorbakken. 
  9. Laten afkoelen.

Vulling – Lemoncurd1 : Lemoncurd is niets anders dan een zoute Hollandse sauce.

  • 3 eigeel
  • 2 eiren
  • 125g suiker
  • 125g citroensap (ca 2 citroenen) 
  • citroezest van de citroenen
  • 125g boter
  1. Ei en suiker opkloppen to een creem 
  2. Citroensap en zest toevoegen en au bain-marie tot een dikke sauce opkloppen. Daarbij moet het ei gaar worden maar mag geen roerei worden. 
  3. Boter inwerken
OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Het moet niet altijd citroen zijn…

Vulling 2 – Lemoencurd met basilicum:

in plaats van citroen gebruik je dus lemoen. Verder komt nog vijn gehackt basilikum in stap 2 bij. Lemoenen zijn kleiner, zeker 3-4 voor het recept boven. Het foto boven is met deze vulling, en zonder fruit. In de zomer perfect met vers aardbijen.

Deco: Bosbessen, Italiaans of Zwitsers merengue.

Voor Italiaans merengue:

  • 2 eiwit (60g)
  • 60-120g suiker (na smaak)
  • 20ml water
  1. Suiker en water tot softball-strop koken (118-120°C)
  2. Terwijl eiwit tot zachte puntjes opkloppen
  3. Als de strop zijn temperatuur heeft bereikt, stroop langzaam met snel draaiende mixer bij het eiwit toevoegen. Mixer op matige snelheid teug schakelen en laten draaien tot de massa op kamertemperatuur is afgekoeld. Massa in een spuitzak vullen en decoreren.

Voor het Zwitserse merengue:

  • 2 eiwit
  • 60-120g suiker
  1. Klop eiwit en suiker au bain-marie op tot 55-60°C. Verder opkloppen tot vast en koud.

Nu komt de assemblage. Vul de tart eerst met de lemoncurd, daar boven op een laag bosbessen en sluit het af met het merengue. Met de bunsenbrander afwerken en opdienen.

Oud brood is lekker!

Iedereen kent het probleem hoe voorzichtig je bent en hoe goed je plant, soms zit he met droog brood. Het is gewoon hard en niemand wil het nog eten. Je doet het dus…

… nee niet in de vuilbak, ook niet aan de eendjes. Je doet het aan het volgende brood, natuurlijk. Dit heeft een aantal voordelen. Bij voorbeeld, heb je zeker al gehoord dat water de beste broodverbeteraar is. Maar deeg met hoge hydratatie is wel niet evident te verwerken. Denk je? wel oud brood bint meer dan zijn eigen gewicht aan water. Maar dat is niet het enige: de aroma van de korst kommen er dan ook in de kruim. En uiteindelijk heb je minder verspilling want je doet iets met je oud brood.

Het heeft wel ook gevaren. Te veel oud brood en je kruim word plakkerig. Ook moet het brood droog zijn en mag anders geen teken van verderf tonen schimmel is daar de grootste vijand. Om het laatste te vermeiden, snijd ik brood wat voor mijn smaak al te droog is in dunne plakjes en laat die nog 2 dagen aan en luchtig plek drogen. Het brood moet den echt steen hard zijn. Dit bewaar ik dan in een groot bokaal.

Hoeveel daarvan en hoe verwerken? Ik gebruik tussen 5% en 20% oud brood. Ik heb er al recepten met 50% gezien, maar ik vind dat praktisch minder evident omdat je dan van je oud brood bloem moet malen en ik heb geen molen.

Het voorbeeld recept is een klassiek „Krustenbrot“ dus voor de 2de rijs komt het met de sluiting na beneden in het rijsmandje en word met net rijp met veel stom gebakken voor een mooi woest open gebarsten korst. Lekker rustiek dus. Tiroler speck is er bijna verplicht als beleg. Recept:

Desem:

  • 100g roggebloem
  • 100g water (50°C)
  • 5g moederdesem 
  • 12uur laten rusten

Oud brood:

  • 100g oud brood in blokjes gesneden
  • 300g water

12uur laten wellen, dan zijn mixen en op 35°C opwaremen

Deeg:

  • 200g desem
  • 200g spelt 75%
  • 100g tarwe 85%
  • 8g zout
  • 10g honing
  • 1g gedroogd gist

Werkwijze:

  1. desem en oud brood mengen en laten rijsen en wellen
  2. Deeg kneden en 60min op een warme plek laten rusten
  3. rond brood vormen en 90min laten rijzen (naad na beneden in een goed met roggebloem afgestuift rijsmandje)
  4. met veel stoom bij 250°C 10min bakken 
  5. stoom uitlaten en bij 210°C donker to einde bakken (ca 40min, tot min 95°C binnentemperatuur)
  6. op een rek volledig laden afkoelen

Nog iets over zout. Natuurlijk blijft het bij 2% zout in het brood. Maar het oud brood heeft al de juiste verhouding, dus terwijl het bij het bloem voor het water telt, moet je het voor het zout aftrekken.

Altbrotkruste
Krustenbrot met 20% oud brood.

Striezel, Stollen: dresdner kerstbrood met de zegen van de Paus

Traditioneel was de tijd voor kerst een vasten periode en dierlijke producten zoals schmalz en boter waren er niet toegestaan voor de brave katholiek. Maar in het jaar 1430 vond Ernst van Saksen dat het genoeg was met dat droog en ranzig kerstbrood. Hij vroeg te paus om toestemming boter te gebruiken. Paus ‘klaas wou heiliger zijn dan den Sint en wou niets horen van uitzonderingen en zo overleed Ernst in het jaar 1486 en had nooit lekker kerstbrood. Maar voor zijn nageslacht werd het beter. Paus Innozenz vond boter een onschuldig product en schreef dus 1491 de boter brief, die de Saksen de toestemming gaaf om boter voor hun kerstbrood te gebruiken.

Dus vanaf daar kon ook de brave katholiek stollen bakken. De reformatie enkele jaren later heeft de boter brief wel ook niet tegen gehouden. Over deze gesproken, voor deze is er ook lekker brood. En hoewel dat je tegenwoordig nog veel katholieken nog veel protestanten in de streek gaat vinden, het gebak is – in seizoen dan wel – nog bij elke bakker te koop.

Nauw, hoewel de traditie dus boter, varkens- en ganzenvet vraagt, doet dat niemand meer het is lekkerder met enkel boter. Ik ben wel niet overtuigt dat het een goede idee is, de boter door een plantaardig product te vervangen hoewel het zeker baktechnisch gaat, maar de eieren zijn er toch nog minder evident om te vervangen en de smaak lijd er zeker onder. Over boter gesproken, Dresdener Stollen is beschermt en er zijn regels voor het recept: er moet min. 50% van het droge bloemgewicht in boter aan het gebak zijn en meer gaat ok echt niet. Verder morgen er enkel rozijnen uit witte Sultana druiven gebruikt worden en mag er geen amandelspijs in het recept zijn.

Vooraf het recept een paar algemene opmerkingen: als je de stollen bij het 4uurtje op kerst avond wilt serveren, moet je nu beginnen. Het klaar gebakken brood moet minimum 1 week rijpen, beter 3. En dat is ook perfect voor je tijdmanagement. Je moet het enkel nog opdienen. 0 stress op het moment waar iedereen er al is. Verder in het recept staat er een kruidenmengeling voor stollen. Je kunt dat kopen, maar ik denk dat elke een betje serieuze bakker alles in huis heeft om zelf en dan naar eigen gusto kan mengen. Ik geef in het recept een mengeling, maar doe maar wat je wilt, de basis is kaneel, vanille en kruidnagel en dat moet wel. Mijn mosterd voor het recept heb ik deze keer weer bij Brotdoc gehaald: https://brotdoc.com/tag/christstollen/, verhaaltjes uit geschiedenis boeken, en dat de smaak van de Doc klopt uit mijn herinnering.

Stollenkruiden:

  • 1 lepeltje kaneelbloemen
  • 1 3 kruidnagels
  • 1 steranijs
  • 1/2 lepeltje gedroogde gember
  • 1/2 lepeltje nootmuskaat poeder
  • 1 vanillestang
  • 2 groene kardemom 
  • 1 lepeltje maice (muskaat bloem)

In een droge pan licht toasten en fijn malen. Voor ons recept heb je in totaal 2 soeplepels daarvan nodig.

Gedroogd fruit:

  • 150g gekonfijte sinaasappelschil (organgat, in blokes van 5mm)
  • 150g gekonfijte citroenschil (zitronat, blokjes van 5mm)
  • 500g witte rozijnen (gedroogde sultana druiven)
  • 180g bakrum
  • 150g kookend water

alles mengen en 6-12uur laten wellen (alles moet goed met vocht bedekt zijn, indien nodig wat meer water en rom bijgieten.), dan afgieten en op keukenpapier 2-3uur laten drogen.

Poolish:

  • 250g bloem (t65)
  • 250g melk
  • 1g gedroogd gist
  • 12uur / 18°C laten rijpen

Amandelen:

  • 200g amandelen, pellen, licht roosteren en hakken en laten afkoelen.

Deeg:

  • 500g poolish
  • 850g tarwebloem t65
  • 240g suiker
  • 180g melk 8°C (plus 20g)
  • 10 eigeel
  • 14g zout
  • 15g gedroogde gist
  • 2 eetlepel Stollenkruiden
  • zest van 2 citroenen
  • om later toe te voegen: 500g boter (8°)

Glazuur:

  • 250g botervet (gesmolten)
  • 200g suiker

Werkwijze:

  1. meng je deeg ingrediënten tot een homogene deeg. Afhankelijk van het maat van de eigen en het bloem heb je misschien wat meer melk nodig, maar enkel moest het niet willen mengen.
  2. nu boter per 50g inwerken tot een glad deeg ontstaat (vlies trekken om te testen) 40min laten rijzen
  3. amandelen en fruit voorzichtig inwerken
  4. direct tot 3 – 4 broden vormen en in rijsmandjes of een linnen doek, naad naa boven 90min laten rijzen. Het gaat maar wijnig te zien zijn een dank zij de boter werkt te vingetest ook niet goed. In doubt wat langer.
  5. omdraaien en 1cm insnijden.
  6. bij 190° 10min beginnen te bakken (veel stoom) let op grote ovenrijs verwacht; ik kon in mijn oven 2 kleine ter gelijke tijd bakken. 
  7. oven op 160° zetten en tot het einde bakken (100°C binnentemperatuur, ca. 1uur
  8. de nog warme stollen langs alle kanten met puur botervet 2x instrijken en suiker op strooien. Voorzichtig ze zijn waarm eel breekbaar! 
  9. laten afkoelen en goed verpakken (in aluminiumfolie of licht op vacuüm trekken) en 1 tot 6 weken in de koude berging laten rijpen
  10. met poedersuiker afwerken en opdienen Er is nog geen foto, maar er horen 5mm zuiker op, voor dat je hem aansnijd.

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
voor de rijs

 

Pistoletjes met 2de rijs overnacht

’s Morgens verse pistolets zonder middernacht op te staan om deeg te maken? Als je een plek hebt die niet te warm is, kan dat wel. Voor mij wel enkel in de winter. De trick: een poolish met weinig gist als enige bron van gist. De lange fermentatie maakt ook een heel mooi complex aroma zonder gist smaak. Voor het juiste timing moet je rond 12-16:00 beginnen zodat je je broodjes tegen 22:00 kunt vormen. Het is wel echt belangrijk een linendoek en roggenbloem te gebruiken voor de rijs want katoen en tarwe gaat plakken.

poolish:

  • 215g bloem
  • 215g water (35°C)
  • 0.2g gedroogde gist
  • 8-12uur rust

deeg:

  • 430g poolish
  • 190g water (15°C)
  • 490g t65
  • 10g honing
  • 10g zout
  • 30min 1 rijs

recept:

  1. mengen de ingrediënten voor de poolish en laat ze 8-12uur rusten.
  2. meng de ingrediënten voor de deeg een kneed 5min tot een glad maar redelijk vast deeg. Lat hem 30 min ontspannen.
  3. deeg in 90g stukjes delen en de 1de keer opbollen. 10min laten ontspannen
  4. 2de keer opbollen en tot een langwerpig broodje vormen.
  5. in het bakkerlinen met veel roggebloem op en niet te warme plek laten rijzen (10uur bij 18°)
  6. insnijden met water bespuiten en 20min bij 230°C op steen (of een goed voorverwaarmd blik) bakken
  7. na het uithalen nog eens met water bestuiven

Desem bewaren, desem drogen

Desem is een gemeenschap van micro-organismen die in een evenwicht leven. Daarvoor hebben ze regelmatig voeding nodig. Normaal is dit evenwicht redelijk stabiel, maar als het verstoord word, dan kan het snel mislopen en foute micro-organismen zoals schimmel kan overnemen. Een beschimmelde moederdesem kun je niet redden. Als het heel erg was, is het zelfs een vraag of je een plastiek container kunt redden (een van de reden waarom ik mijn desem in glasbokalen kweek.) 

Nu kun je natuurlijk gewoon op nieuw starten zoals hier beschreven of met een commercieel cultuur beginnen zoals daar beschreven. Maar het kan soms ook niet zo evident zijn om een eigen cultuur van spontane fermentatie op te starten en (seriously do het met gistwater ;). Ten laatste, is elk moederdesem individueel. Dus als je een goed werkend desem hebt, is het erg jammer als deze kapot gaat.

Maar ongelukken gebeuren, dus is het aan te raden uw kostbare moederdesem bewaarbaar te maken. In noodgevallen kun je dan erop terug vallen. Verder kun je desembeginnelingen helpen door een gedroogde desem met de post te sturen.

Ingrediënten

  • 50g rijp moederdesem
  • ca. 150g water

Drogen. Om moederdesem te drogen moet je vooral genoeg moederdesem hebben. Dus begin best met desem te voeden. Dan meng je 50g desem met 50-100g water zodat je een pasta of dunne pap hebt in de consistentie van een dikke saus. Dit mengsel verdeel je dan in een dun laagje op bakpapier en laat het drogen. Afhankelijk van het weer kan de droogtijd tussen enkele uren en 3 dagen liggen. Let wel op dat het niet te lang duurt (dun uitstrijken goed droge plaats…) Omdat je anders natuurlijk ook in did stadium een schimmel probleem kunt hebben. De gedroogde desem kun je nu van het bakpapier „schillen“. Ik doe dit altijd en laat de nu losse gedroogde desem nog 1 dag op een droge plek liggen om zeker te zijn dat hem perfect droog is.

Reconstitueren. In een proper bokaal meng 5g van je gedroogde desem met 10g bloem en en 15g 35°C warm water. Na 5-6uur bij 30°C (oven met enkel de lamp) zoude je desem terug leven (double volume). Nog eens 30g bloem + 30g warm water voeden en 3-4uur op een warm plek en je hebt terug een moederdesem die op zich niet veel verschillend zoude moeten zijn dan de oorspronkelijke.

Bewaren. Bewaar je desem best op een droog plek in een glas. Let wel op dat hem 100% droog is voor dat je hem in het glas steekt.

 

Fine Dining Burger Buns met Pâte Fermentée

Desem geeft een karakteristieke zuur en dat past misschien niet bij elk doel. Wat bij een rustiek burger best wel lekker is, is voor „fine dining“ misschien minder geschikt. Een directe gistdeeg daarentegen is voor dit doel ook weer te vlak in smaak. Dus hier een recept met oud deeg, dat een mild maar complex smaak maakt. Natuurlijk kun je ook enkel boter gebruiken om het nog wat decadenter te maken. Nog iets over oud deeg, traditioneel word dat in Frankrijk vaker toegepast. De bakker bewaard op een fris plek iets van het deeg voor de volgende dag. Als hobby bakker is dat natuurlijk niet zo goed van toepassing omdat niet elke dag word gebakken en in moderne stadsappartementen is het ook vaak een probleem een echte koude berging te hebben. Dus voor recepten met oud deeg kun je de voordeeg ook apart maken en in plaats van 20uur in de koude berging laat je je uitgegist voordeeg 3dagen in de koelkast.

De fotos zijn deze keer met de GSM getrokken, dus wat minder van kwalitiet. Sorry daarvoor.

Pâte Fermentée

  • 115g t65
  • 70g water (50°C)
  • 1g gist, gedoogd
  • 2g zout

2uur laten rusten op kamertemperatuur, dan 3 dagen in de koelkast

Deeg

  • 250g desem (rijp)
  • 380g T65
  • 135g water (100°C)
  • 100g melk (8°C)
  • 20g honig
  • 8g zout
  • 3g gedroogde gist
  • 50g olie
  • 50g boter
  • voor de finish.
  • 1 ei
  • 50g sesamzaadjes
  1. Meng de ingrediënten voor de pâte fermentée (oud deeg) en laat hem 2uur bij kamertemperatuur starten. Dan 3 dagen in de koelkast verder laten rijpen.
  2. Meng dan eerst melk, water honing en zout en dan de rest van de droge deegingrediënten. 4min traag kneden tot een elastisch deeg ontstaat, 
  3. dan boter en olie toevoegen en kenden tot het vet goed is ingewerkt. 
  4. Nu de deeg 1uur laten rusten. 
  5. Na de 1. rust, in stukjes van 90g delen en de 1. keer opbollen. 
  6. Dan 10min met de naad naar beneden laten rusten. 
  7. Een tweede keer opbollen en direct met ei „schilderen“
  8. als gewenst met sesam bestrooien en direct op een bakplaat zetten.
  9. met een keukendoek afdekken en 2uur op kamertemperatuur tot voel rijp laten rijzen. 
  10. de buns zonder sesam nog eens met ei behandelen, de buns met zaden met water bestuiven
  11. Bij 220graden en met damp voor 20min bakken 

FineDiningBunsSesam    FineDiningBunsSchwarzkummel